Inspectie van het bovenleidingsportaal

Dankzij twee dwarse draadsensoren, gemonteerd op beide kanten van het rijtuig, kunnen lijnscancamera’s tegen hoge snelheid de dwarse steunpunten in beide richtingen registreren.
Wanneer het herkenningssysteem op de voorste paal een dwars steunpunt registreert, activeert het het voorwaarts gerichte scannersysteem achteraan op de trein.
Zodra het steunpunt voorbij is, wordt het achterwaarts gerichte scanner-systeem vooraan op de trein geactiveerd. Dit systeem genereert beelden van beide zijden van het bovenleidingsportaal. De individuele beelden met hoge resolutie zijn via interface nauwkeurig gekoppeld aan de spoorkilometrering, waardoor een visuele inspectie op het scherm mogelijk is (monitoring) zonder dat verdere verwerking vereist is. In een volgende stap kunnen de beelden worden voorbereid voor een automatische evaluatie.

 De scanners maken beelden van het bovenleidingsportaal:

Fahrdraht 2 Bilder